Teken en de ziektes die ze overdragen

Heb jij ook het gevoel dat je paard de laatste jaren meer last heeft van teken? En wat betekent dit nu? Hoe gevaarlijk zijn die teken? Tekenbeten komen de laatste jaren inderdaad meer en meer voor bij zowel mens als dier. Paarden hebben dus een grotere kans om gebeten te worden door een teek.

Wat te doen bij een tekenbeet?

Het is erg belangrijk je paard goed te controleren wanneer je op een plaats met veel teken bent geweest, bijvoorbeeld in het bos. Vooral in de periode tussen maart en oktober is deze kans nog groter. Wanneer de teek direct (binnen 24 uur) verwijderd wordt is de kans op infectiegevaar kleiner. Om de teek te verwijderen wordt de tekenpincet gebruikt. Plaats de tekenpincet geopend op de huid onder het hoofd van de teek. De tekenpincet wordt gesloten en in een draaiende beweging wordt de teek verwijderd.  Verdoven met alcohol wordt afgeraden, omdat een teek dan zijn buikinhoud kan ledigen en alsnog de ziektes kan overdragen.

De ziektes

De meest voorkomende teken in Europa behoren tot de groep van de Ixodes Ricinus(schapenteek). Deze teek is ongeveer in 10% van de gevallen besmet met Borrelia Burgdorferi, de ziektekiem van Lyme. Wanneer een teek meer dan 18 tot 24 uur aanwezig is op het paard, kan hij de ziekte van Lyme overdragen. Indien een paard besmet raakt met Lyme kunnen de volgende symptomen optreden:

  • Vermageren
  • Opgezette gewrichten hebben
  • Spierstijfheid vertonen
  • Lusteloos zijn
  • Verhoogde temperatuur hebben

Een minder voorkomende teek is de Dermacentor Reticulatus. Ook deze teek kan drager zijn van verschillende ziektekiemen, waaronder Babesia caballi en Theleiria equi, 2 vormen van Piroplasmose.

Deze ziekte wordt gekenmerkt door:

  • Hoge koorts
  • Bloedarmoede
  • Benauwdheid
  • Gele slijmvliezen
  • Vochtophoping

Vervolgens kan er sprake zijn van:

  • Gewichtsverlies
  • Wisselende koorts
  • Wisselende eetlust
  • Verminderd presteren.

Maatregelen

Bij het vermoeden van een Lyme besmetting zijn er bloedtesten beschikbaar om je paard te controleren, deze testen de afweerstoffen van het paard tegen Borrelia. De antilichamen tegen Borrelia worden echter niet direct aangemaakt. Vaak kan de ziekte daarom pas na 3 tot 8 weken worden aangetoond, omdat deze test niet kan nagaan of het paard recent in aanraking is geweest met Borrelia.

Het paard kan namelijk contact hebben gehad met Borrelia en antilichamen  in hun bloed hebben, zonder dat ze daadwerkelijk symptomen laten zien. Een acute infectie kan enkel worden aangetoond wanneer er bij de eerste bloedafname geen antilichamen zijn gevonden en bij de tweede bloedafname wel antilichamen zijn gevonden.

Indien er bij het paard Lyme wordt vastgesteld dient een langdurige antibiotica behandeling en een ondersteunende therapie ingesteld te worden. Voor meer informatie raadpleeg uw dierenarts.