Interne Geneeskunde

Interne Geneeskunde

Organen zoals longen, lever en darmen vallen onder het specialisme Interne geneeskunde. Het gehele team van paardenartsen bij Lingehoeve Diergeneeskunde is zeer ervaren en kundig in de diagnostiek en behandeling van problemen die hier mee te maken hebben. Twee van de belangrijkste aandoeningen worden hieronder verder besproken: koliek en longaandoeningen. Via het menu links kunt u meer lezen over vele andere aandoeningen, diagnostieken en natuurlijk therapieën.

Om inwendige problemen te kunnen vaststellen heeft Lingehoeve Diergeneeskunde verschillende instrumenten en apparaten tot haar beschikking. Verschillende endoscopen, waaronder een hele lange maagscoop voor de diagnostiek van maagzweren bij het paard en wat kortere die gebruikt kunnen worden bij de beoordeling van de luchtwegen. Verder beschikken we over echografie met mogelijkheden tot het scannen van zowel het hart als de buikholte en uitgebreide bloedanalyse apparatuur. Het geheel wordt verder aangevuld met ECG apparatuur en natuurlijk digitale röntgenologie.

Een endoscoop is een instrument dat lijkt op een rubberen slang. Aan het einde van de slang zit een camera. De slang wordt bij een patiënt naar binnen gebracht, om bijvoorbeeld de darmen of de maag te bekijken of zelfs te behandelen. Een elektrocardiogram, kortweg ECG, is een ‘elektrisch filmpje’ van het hart. Het hart is een holle spier, die samentrekt onder invloed van hele kleine elektrische stroompjes. Deze elektrische stroompjes worden omgezet in een signaal. Deze signalen worden opgevangen en geregistreerd door het ECG-apparaat. Een röntgenapparaat tenslotte kan met behulp van röntgenstralen foto’s maken van de binnenkant van het lichaam. Met name het skelet kan op die manier goed worden bekeken, maar ook organen zoals de longen.

 

KOLIEK

Koliek zijn pijnuitingen van een paard waarbij het probleem dikwijls in de buikholte gelegen en de oorzaak vaak in het maag-darmapparaat te vinden is. Bij ‘ware’ koliek bevindt de oorzaak zich in de buikholte en bij ‘valse’ koliek is de oorzaak daarbuiten gelegen.

Gelukkig is koliek vaak mild en met medicijnen op te lossen. Soms is het zelfs te genezen zonder specifieke behandeling. Er zijn tientallen vormen van koliek. Slechts een klein percentage van de paarden heeft zo’n ernstige koliek dat een operatieve ingreep nodig is. Toch moet iedere koliek serieus genomen worden, omdat in het beginstadium niet altijd duidelijk is of er sprake is van  een milde vorm of dat we te maken hebben  met  een ernstige aanval.

 

Herkennen van koliek

Symptomen van koliek variëren enorm. Soms zijn de symptomen zeer subtiel, soms zeer duidelijk. Veelvoorkomende symptomen bij paarden zijn:

  • Kijken naar de flank
  • Krabben met de voorbenen
  • Schoppen/ bijten naar de buik
  • Gestrekt staan
  • Staan om te plassen, zonder te plassen
  • Herhaald gaan liggen
  • Herhaald rollen
  • Op de rug blijven liggen
  • Afwijkende hoofd- halshouding aannemen
  • Voer niet of niet helemaal opnemen
  • Spelen met water zonder te drinken
  • Geen, afgenomen of te veel buikgeluiden
  • Geen mest
  • Zweten
  • Te snelle ademhalingsfrequentie
  • Verhoogde hartfrequentie
  • Depressief
  • Flehmen (het typisch opkrullen van de bovenlip)

De algemene regel is, hoe ernstiger de koliekuiting des te serieuzer het probleem. Dat neemt niet weg dat men het paard altijd kritisch moet blijven observeren, ook al zijn de eerste symptomen subtiel. Symptomen kunnen snel ernstiger worden.

 

Actie

Hoewel een deel van de koliekgevallen spontaan oplost, vereist het grootste deel toch een behandeling met medicijnen. Daarnaast is tijd een zeer belangrijke factor, omdat deze bij ernstige, chirurgische koliek het slagingspercentage bepaalt. Heeft u een paard met koliek, dan handelt u als volgt:

  1. Bel de dierenarts, bespreek de toestand
  2. Verwijder voer, laat drinkwater staan
  3. Zorg dat het paard in de buurt staat om het goed te kunnen beoordelen
  4. Als het paard rustig is, laat het staan
  5. Als het paard onrustig is en rolt, stap dan rond zodat het paard zich niet beschadigt
  6. Houd het paard goed in de gaten tot de dierenarts er is

Onderzoek

De dierenarts zal allereerst een aantal vragen stellen aangaande de ziektegeschiedenis, voeding, ontworming en vaccinaties en de huidige koliekproblemen doorspreken. Daarna wordt het paard onderzocht. In veel gevallen zal een sonde via de neus in de maag worden gebracht om de inhoud hiervan te beoordelen. Bij ernstiger koliek kan een echo meer informatie geven.

 

LONGAANDOENINGEN

Lingehoeve Diergeneeskunde heeft alle mogelijke expertise in huis op het gebied van allergische longaandoeningen bij het paard. Met behulp van een endoscoop is het mogelijk de luchtpijp en het eerste gedeelte van de longen van het paard van binnen te inspecteren. Er wordt dan goed gelet op de aanwezigheid van pus en bijvoorbeeld afwijkingen aan het slijmvlies. De meeste paarden die dit onderzoek moeten ondergaan accepteren dit goed, maar voor het gemak van zowel dier als eigenaar wordt vaak besloten het paard voor het onderzoek een beetje suf te maken.

Als endoscopie alleen te weinig informatie oplevert, wordt het onderzoek aangevuld met een bronchoalveolaire lavage, het BAL-onderzoek. Bij dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van een Bronchoalveolaire Lavage (BAL)-katheter. Dit is een rubberen slang die via de neus tot diep in de longen wordt gebracht. Vervolgens wordt de long met een onschadelijke vloeistof gespoeld. De cellen die vervolgens uit deze vloeistof worden gehaald,worden onder een microscoop bekeken, waarna een behandelplan voor het paard wordt opgesteld. Het gaat hierbij met name om de mate van allergie die uit het spoelsel naar voren komt en niet om mogelijke bacteriële infecties.

Voor verdere informatie over huisvesting van paarden met allergische longaandoeningen: hoestbrief

Voor verdere informatie over BALspoeling: Download Instructie BAL preparaat

 

De beste zorg voor uw paard

Kwaliteit, innovatie en laagdrempeligheid. Dat is waar Lingehoeve Diergeneeskunde voor staat. We werken met een team van toegewijde dierenartsen en paraveterinairen die ieder hun eigen interessegebied hebben en op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen.