Euthanasie

Euthanasie

U wilt er liever niet aan denken, maar vroeg of laat komt het moment dat u definitief afscheid moet nemen van uw kat. Sommige dieren gaan op een natuurlijke manier dood. In andere gevallen komt euthanasie in beeld. In onze praktijk merken we dat veel mensen worstelen met de vraag of en vooral wanneer ze het beste kunnen besluiten tot euthanasie. Dat is begrijpelijk. Als uw kat aftakelt, dan voelt u aan de ene kant aan dat het moment van afscheid nemen nadert, maar aan de andere kant is de gedachte dat het zover is onverdraaglijk.

Euthanasie: waarom en wanneer?

Er zijn verschillende redenen waarom een dier aftakelt. De bekendste is ouderdom, of beter gezegd de gebreken die de ouderdom met zich mee brengt. Het kan ook gaan om een slopende ziekte. Sommige van deze ziektes zijn op zich niet dodelijk maar zorgen wel voor een steeds slechtere kwaliteit van leven. Ook gedragsproblemen kunnen een reden zijn om te besluiten tot euthanasie. Soms bestaan ze al heel lang maar worden ze langzaam maar zeker zo erg dat er een onhoudbare situatie ontstaat. Uiteindelijk draait het bij euthanasie altijd om de vraag of de kat nog voldoende kwaliteit van leven heeft. Deze vraag is echter niet zo simpel te beantwoorden. Toch zijn er vier punten te benoemen waaraan moet worden voldaan.

Ten eerste is de eetlust een belangrijke graadmeter. Kort gezegd moet de kat voldoende eten om niet af te vallen en in te teren. Als een dier niet wil eten of alleen nog maar wat lekkere hapjes, is dat een slecht teken en moet er iets gebeuren. Regelmatig wegen is in dat geval een objectieve manier om te bepalen of uw kat voldoende eet of niet.

Ten tweede moet het dier voldoende drinken. Als uw kat niet wil drinken, is er duidelijk iets aan de hand en moet er iets gebeuren. Het geven van water in de bek is goed bedoeld maar zet geen zoden aan de dijk. Een kat van 5 kilo heeft 250 milliliter water dag nodig. Dit zijn 125 spuitjes van 2 milliliter oftewel 24 uur lang elke 12 minuten 1 spuitje (zonder te knoeien)! Heeft het dier last van braken of diarree, dan is nog veel meer vocht nodig. Uitdrogen gaat zeer snel in dat geval.

Het derde punt is lastiger te meten, maar wel heel belangrijk: uw kat moet nog een fijn kattenleven hebben, zonder pijn of andere ernstige ongemakken. Niemand wil dat zijn kat pijn heeft of in elk geval niet te veel. Maar wat is (te) veel? Heel veel katten zullen geen duidelijke pijnuitingen geven in de vorm van janken of piepen. Dat geldt vooral voor katten met chronische zeurende pijn zoals bij artrose. Verandering van gedrag (agressie, zich terugtrekken of juist veel aanhankelijker zijn), niet van de plek willen komen, heel stijf of kreupel lopen en veel rillen kunnen allemaal tekenen zijn van pijn. We kunnen uw kat niet vragen of hij pijn heeft en dit is ook voor ons als dierenarts niet altijd duidelijk vast te stellen tijdens het onderzoek. Een goede manier om erachter te komen is om langere tijd een goede pijnstiller te geven en kijken of het beter gaat. Maar ook de werking van pijnstillers is op termijn niet meer genoeg. Behalve pijn zijn er nog meer narigheden die er niet zouden moeten zijn in een fijn kattenleven. Benauwdheid is er een van. Vooral bij hartpatiënten komt dit voor. Een tijdlang kunnen we de ziekte onder controle houden met medicijnen maar op een gegeven moment zal het dier benauwd worden. Zo’n kat mag je op dat moment letterlijk niet laten stikken. Zo zijn er natuurlijk meer narigheden te bedenken. Hoe zou u het zelf vinden om vele malen per dag te moeten braken terwijl er niets meer aan te doen is? Om twee epilepsie aanvallen per dag te krijgen ondanks medicatie? Als u eerlijk bent, zult u merken dat het al met al toch redelijk goed te bepalen is of het leven voor uw kat nog wel zo fijn is.

Het laatste punt klinkt misschien een beetje vreemd: uw kat moet geschikt zijn als huisdier. Dit heeft voornamelijk te maken met gedrag en de belangrijkste problemen hierbij zijn onzindelijkheid (in huis plassen en/of poepen) en soms agressie. Met goede gedragstherapie zijn de meeste problemen op te lossen, maar niet altijd. We merken dat veel mensen hier problemen mee hebben en het moeilijk vinden om euthanasie om een van deze redenen bespreekbaar te maken. Natuurlijk is het lastig om de grens te bepalen en ligt deze voor iedereen anders. Wat de één ‘geschikt’ vindt, is voor de ander volkomen onacceptabel.

De beslissing tot euthanasie neemt u altijd zelf, maar uiteraard kunt u bij Lingehoeve Diergeneeskunde altijd terecht voor een eerlijk advies. Samen komen we tot de antwoorden op de eerder genoemde vier punten. Dit kan betekenen dat u tot de conclusie komt dat het nog wel acceptabel is. Belangrijk is dan om uzelf regelmatig de vier vragen te blijven stellen. Uit ervaring weten we dat de grens van wat nog acceptabel is vaak steeds verder wordt opgeschoven.

Hoe verloopt de euthanasie?

Heeft u eenmaal de moeilijke beslissing tot euthanasie genomen, dan doen wij er alles aan om dit voor u en uw kat zo rustig en waardig mogelijk te laten verlopen. De meeste mensen willen erbij blijven als hun kat wordt ingeslapen. Twijfelt u hierover, bespreek dit dan vooral met de dierenarts. Het is voor uw kat heel fijn als er een vertrouwd iemand bij is, in elk geval totdat het dier rustig slaapt. Wilt u voor of na het overlijden nog even alleen zijn met uw dier, dan kan dat  natuurlijk.

In principe krijgt uw kat twee injecties. De eerste injectie is een narcosemiddel, deze wordt meestal in de spier gegeven. Na vijf tot tien minuten is het dier hiervan onder narcose en merkt dan niet meer wat er allemaal om hem heen gebeurd. Dan wordt de tweede injectie gegeven, met een overdosis van een slaapmiddel. Hierdoor stopt binnen enkele minuten de ademhaling en de hartslag. Deze tweede injectie wordt meestal in de buikholte gegeven, maar andere manieren, zoals in het bloedvat, zijn ook mogelijk. Soms komt er nog een paar keer een diepe zucht of kunt u lichte spiertrillingen zien van bijvoorbeeld de lip of een teentje. Uw kat zelf merkt hier allemaal helemaal niets meer van. Na het overlijden laat het dier vaak wat urine en soms ontlasting lopen. Dit is normaal en komt omdat de spieren zich ontspannen.

Sommige dierenartsen geven als eerste injectie direct de overdosis slaapmiddel in de buikholte. Dit is voor veel katten minder vervelend dat de narcoseprik in de spier. Meestal valt de kat hiervan binnen 5 minuten rustig in slaap. Daarna wordt de narcose steeds dieper en stopt de ademhaling en de hartslag binnen enkele minuten. Dit betekent dat bij deze methode niet altijd een tweede injectie noodzakelijk is.  Ook hiervoor geldt: uw kat merkt er verder niets van.

Na de euthanasie

Is uw kat overleden, dan is het aan u wat er met het lichaam moet gebeuren. Sommige mensen nemen het dier mee om thuis te begraven. Hiervoor gelden per gemeente verschillende regels. Er bestaan ook speciale begraafplaatsen voor dieren. Daarnaast is er de mogelijkheid om uw kat te laten cremeren. Hiervoor werken we samen met Dierencrematorium de Grebbehof. De kat kan bij ons worden opgehaald maar zelf wegbrengen op afspraak is ook mogelijk. U kunt desgewenst nog afscheid nemen in het crematorium. Wilt u de as van uw kat terug, in een urn, strooiblik of sieraad, dan kiest u voor individuele crematie. Het alternatief is crematie samen met enkele andere dieren, waarna de as verstrooid kan worden op een strooiveld. Heeft u geen bijzondere wensen dan gaat het lichaam naar het destructiebedrijf, waar het wordt verbrand.

Soms gaat uw kat zo snel achteruit dat de beslissing tot euthanasie heel snel genomen moet worden. Vaak blijft u dan na het overlijden met vragen achter. In dat geval kunt u altijd contact met ons opnemen of een afspraak maken voor een nagesprek. Dit kan u helpen bij het verwerken van het verlies.

 

Wij bieden de zorg die uw huisdier nodig heeft!

Kwaliteit, innovatie en laagdrempeligheid. Dat is waar Lingehoeve Diergeneeskunde voor staat. We werken met een team van toegewijde dierenartsen en paraveterinairen die ieder hun eigen interessegebied hebben en op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen.