Epilepsie

Epilepsie

Als uw huisdier met regelmatige tussenpozen optredende aanvallen heeft van bewustzijnsverlies en verkramping noemen we dit epilepsie. Aanvallen kunnen variëren in sterkte, tijdsduur en vorm (heel erg schokken of juist alleen maar verstijven).

Epilepsie kan primair of secundair zijn. In het eerste geval bevindt het probleem zich in de hersenen zelf (“echte” epilepsie), de meeste dieren hebben hun eerste aanval tussen 6 maanden en 5 jaar. Bij secundaire epilepsie (“reactieve” epilepsie) bevindt het probleem zich daarbuiten, door bijvoorbeeld laag bloedsuikergehalte, laag zuurstof gehalte, leverproblemen, etc.

Een aanval duurt gemiddeld 1 tot 5 minuten, maar er zijn variaties. Een aanval verloopt vaak in 3 fases.

  • Voortekenen (aura): dit is het voorstadium van de aanval; hierbij kunnen we onrust en afwijkend gedrag zien
  • De aanval (ictus): hierbij zien we vaak dat het dier zijn bewustzijn verliest. Bij een “klassieke”aanval zal een dier bewustzijn verliezen, schokkende bewegingen maken, kwijlen en urine laten lopen. Als de epilepsie een gedeelte van de hersenen beïnvloedt komen er ook kleinere aanvallen voor: de patiënt kan dan bijvoorbeeld met onderkaak klapperen, met poten trekken of denkbeeldige dingen najagen.
  • Na de aanval (post-ictus): de meeste dieren zijn na de aanval een tijdje van slag. Ze kunnen gedesoriënteerd lijken, onrustig zijn, vreetaanvallen hebben of gewoon heel moe zijn. Deze fase kan minuten, uren of dagen duren.

Wat kunt u doen
Vooral wanneer u het voor het eerst ziet, kan het heel akelig zijn om uw dier in een epileptische toestand te zien. In de regel is het niet levensbedreigend. Zorg dat het dier zich geen pijn kan doen, maar verder kunt u niets doen dan afwachten. U kunt altijd een filmpje maken van de aanval, zodat u bij twijfel beeldmateriaal hebt. Neem contact op met een dierenarts als:

  • Als een aanval langer duurt dan 10 minuten
  • Als meerdere aanvallen elkaar opvolgen
  • Als het dier naast de aanval ook andere opvallende symptomen heeft
  • Als uw dier zijn warmte niet goed kwijt kan (bijvoorbeeld bij warm weer of kortsnuitige hond)
  • Als het dier meer dan 1 aanval heeft gehad. Uw dierenarts zal dan samen met u afwegen of het dier voor deze aandoening behandeld moet worden

Verder onderzoek
Om te onderzoeken of de epilepsie secundair kan zijn kunnen we verder onderzoek doen. Met bloedonderzoek kunnen we veel mogelijke oorzaken uitsluiten. Als we verdenking hebben op een gezwel in het hoofd kan er gekozen worden voor een MRI-scan of een CT-scan (Lingehoeve Diergeneeskunde heeft een van de weinige CT-scans in Nederland die gebruikt kan worden voor dieren).

Behandeling
Als we epilepsie willen behandelen doen we dit vaak met fenobarbital (Phenoral®)  of Imepitoïne (Pexion®), maar ook wordt er kaliumbromide (epikal®) of fenytoine (epitard®) gebruikt. In acute situaties om aanvallen af te remmen wordt vaak gebruik gemaakt van diazepam (Valium®). Dit wordt vaak rectaal ingegeven door een eigenaar met behulp van een klysma (Rectiole®) of door de dierenarts in een bloedvat.

Wij bieden de zorg die uw huisdier nodig heeft!

Kwaliteit, innovatie en laagdrempeligheid. Dat is waar Lingehoeve Diergeneeskunde voor staat. We werken met een team van toegewijde dierenartsen en paraveterinairen die ieder hun eigen interessegebied hebben en op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen.